De carrièrekeuzes van de academicus – Gastblog door Ineke Verweire

Hi, ik ben Ineke Verweire. Van opleiding ben ik scheikundige. Ik behaalde een PhD en een MBA en ben al mijn hele carrière omgeven door wetenschappers. Als loopbaancoach help ik hen dan ook graag bij de 2 fundamentele keuzes die zij moeten maken bij hun loopbaanstart. En ik deel via deze gastblog graag een paar fundamentele vragen. 

Ga ik voor een Phd of niet?

Als afgestudeerde master sta je al voor de eerste keuze: doctoreren of niet? In een doctoraat leer je de technieken gebruiken waarvan je enkel de theorie zag. Je bouwt een eigen hypothese en probeert ze te bewijzen. Je leert experimenten opstellen en omgaan met de frustratie als ze steeds mislukken. Vier jaar lang ben je op je eigen drijfkracht aangewezen. Analytisch denken, organisatie en planning, beslissingskracht en doorzettingsvermogen zijn de vaardigheden die je tijdens een doctoraat ontwikkelt. En het zijn precies deze vaardigheden die in het bedrijfsleven zo gewaardeerd worden. In de academische wereld zullen het aantal publicaties, nominaties, presentaties van je onderzoek doorwegen.

Mijn bronzen tip: Begin echter nooit een doctoraat met de beweegreden die ik nog al te vaak hoor:  ‘ik wou nog wat langer van het studentenleven genieten’. Doctoreren is hard werken!!

Ga ik na mijn PhD voor Postdoc of niet?

De keuze om voor een postdoc te gaan, staat eigenlijk gelijk aan de keuze: ‘ga ik werken in de industrie of word ik academicus, alias prof of lector?’

Mijn zilveren tip: baseer je keuze op je talenten, het type omgeving waarin je floreert en de consequentie van de keuze.

Wat zijn jouw grootste talenten?

Talenten zijn aangeboren kwaliteiten. Zijn dat die van een ware onderzoeker? Analytisch, geduldig, nieuwsgierig, gedreven door detail en de diepere oorzaak? Of ben je doelgericht, holistisch, gericht op sociale contacten en teamwerking? Allemaal kwaliteiten die vaak in de industrie gevraagd worden. Je kwaliteiten wijzen je al een beetje de richting, maar opgepast, het is niet éénduidig! Ook in het bedrijfsleven zijn de typische talenten van een onderzoeker gewenst en vice versa.

Match ik beter met de academische wereld of met de bedrijfswereld?

De academische wereld is een erg kleine wereld. Het aantal benoemingen tot prof zijn beperkt. Dit brengt heel wat competitie met zich mee. Netwerken en de juiste mensen te vriend houden is essentieel. Jezelf laten zien nog belangrijker. Deze context brengt helaas ook wel eens ellebogenwerk, afgunst  en jaloezie met zich mee. Aan de andere kant heb je er een enorme vrijheid om zelf te bepalen in welke thema’s je verdiept.

In de bedrijfswereld word je begeleid door collega’s en kan je stap voor stap groeien. Je krijgt persoonlijke doelstellingen in overeenstemming met de bedrijfsobjectieven. Je staat niet alleen, er wordt in projecten en in teams gewerkt. Ook hier ervaar je soms snel de tijd- en performantiedruk, de deadlines en kwaliteitseisen. Alles om de klant tevreden te stellen en winst te maken.

Wat zijn de consequenties van mijn keuze?

Als je kiest voor een academische loopbaan, dan moet je er mee rekening houden dat een aantal buitenlandse postdocs een must zijn. Maar zelfs met deze ervaring kan je naast de professorstoel grijpen. Wat is je plan B? Besef dat je na een langer academisch traject met toch wel een achterstand in de industrie start.

Als je kiest voor de bedrijfswereld, dan neem je afstand van fundamenteel researchwerk. Gelukkig zijn er  een heleboel jobs die wetenschap-gerelateerd zijn: product specialisten, vertegenwoordigers, projectleiders en productie supervisors van wetenschappelijke, medische en technologische producten. Je zal nieuwe vaardigheden aanleren, gaande van feedback geven, leiding geven, project management, kwaliteitsdenken… Welke type functie bij jou past is niet altijd evident. Soms vraagt het gewoon om uitproberen. Het fijne is dat je doorheen je loopbaan een heel parcours aan jobs en taken kan doorlopen.

Daarom tenslotte mijn gouden tip:  volg in ieder geval je hart en je droom!

Pin It on Pinterest